| Dieperik - Naar de kelder >> Dagboeken >> Dagboek van de Reislijder |
| Saigon, xiv aug. '98 |
| Vanavond staat een gezamenlijke
maaltijd op het programma om de reis af te sluiten. Normaal gesproken
zou dat gezamenlijk zijn, maar niet in dit geval. De groep binnen de
groep heeft besloten om niet samen met de anderen te eten. De anderen
hebben zich inmiddels bij deze schisma van de groep neergelegd en doen
geen moeite om wat dan ook nog maar te proberen. Ik ook niet. Deze groep
binnen de groep vind ik ook niet te pruimen. Daar doe ik geen enkele
moeite meer voor. Wat mij betreft zit mijn taak er op. Tot op het
laatste moment - totaan vanmorgen - heb ik zonder aanziens des persoons
mijn uiterste best gedaan, omdat het nu eenmaal mijn werk is. Maar nu
heb ik min of meer vrije tijd. Ik moet nog ff controleren of Geert's
ticket eindelijk echt in orde is en ik moet vanavond de enquêteformulieren
van Koning Aap nog uitdelen. Een van de vragen van deze enquête is: wat
vindt u van de reisbegeleiding? Ik ben benieuwd... In Chau Doc beschikte ik over het gebruik van de gehuurde coaster om een excursie te organiseren. Een bezoek aan Sam mountain en de daarop gelegen Holy Lady pagoda. Daarna zou ik een boot kunnen huren om een bezoek te brengen aan the floating village. Nou, daar had deze jongen dus helemaal geen trek in. Want deze excursie hield in dat ik de twee groepen zou moeten samenvoegen, met alle onderhuidse spanningen van dien. Men was mij er dankbaar voor, want iedereen was al een beetje uitgeput en niemand zag het zitten om een verplicht programma af te werken. Ik heb naar de prijzen voor het huren van een boot geïnformeerd - maximaal 50.000 dong voor een heel uur, op een acht persoons boot. Dat heb ik klassikaal medegedeeld en daarmee was voor mij de kous af. Er deden zich die dag geen verdere incidenten voor. Behalve dan dat Martie haar verjaardag niet in de gezamenlijke klas wilde vieren. Dus voor haar geen taart. Ik ben kort het stadje rondgelopen en heb mij er van afgemaakt met een cd met Vietnamese muziek. Vond ze leuk, en ik ook, want dat was wel zo rustig. Men vraagt, ik draai, - men kan het krijgen zoals men het hebben wil, enzovoorts. De volgende dag naar Can Tho (niet te verwarren met My Tho). Een korte rit naar een volslagen oninteressant stadje, - of je moet van massage en karaoke houden, natuurlijk. De chauffeur ging zich in ieder geval vermaken, dat was wel duidelijk en hij vroeg nog heel vriendelijk of ik geen zin had om met hem mee te gaan... Nee, joh, ik ben getrouwd en over een paar dagen ben ik bij moeke de vrouw thuis en die kan heel goed masseren; dubbelzinnige blik ... en voor niets. Daar moest hij hartelijk om lachen. In de namiddag ben ik op zoek geweest naar een mogelijkheid om te schrijven en e-mailen. Motorcoureur ingehuurd en wat onduidelijke adressen af geweest. Om te beginnen bleek het opgegeven adres een soort bevolkingsbureau te zijn, een kliniek waar volgens geschilderde afbeeldingen spiraaltjes werden ingezet, pillen werden uitgedeeld en zaadstrengen werden doorgeknipt. Of er werd geaborteerd werd niet duidelijk gemaakt, want dat vergde waarschijnlijk wat al te veel fantasie bij het schilderen. Vervolgens werden wij verwezen naar de EMS-counter van het Buu Dien (postkantoor). Nah, niks dus. Vervolgens kwamen de coureur en ik bij een autosloperij uit; alsof die over een computer zou beschikken... Een paar winkels verderop was een bijkantoortje van het postkantoor. E-mail? Yep, dat kan hier. Naar binnen geloodst en warempel, een heuse fonkelnieuwe pc. 'Wij hebben het password niet.' verontschuldigde de knul achter het bureau zich. Er werd een meisje bijgehaald, een leidinggevende, waarschijnlijk. Met een iel piepstemmetje tjilpte zij goed gearticuleerd Engels. Dit was geen public e-mail, moest ik weten, alleen voor klanten. Ik moest eerst een account openen, dan kon het. Nah, hoeveel mag dat dan wel kosten, kan ik 5.000 dong storten? Nee, het minimumbedrag was 450.000 dong. Nah, dat was een beetje een dure e-mail, vond ik. Zeker als je weet dat de dong door de huidige inflatie met sprongen in waarde achteruit holt. Zij bleef lachen, ik bleef lachen: khong co chi, geen probleem. Eenmaal terug bij het hotel lachten de coureur en zijn vrienden om het hardst. De motorrijder kon meteen naar huis, die had zijn daggeld weer verdiend: 10.000 dong (nog geen twee gulden). 's Avonds met een knul van het hotel Doan 30 (van het leger!) de stad in gegaan om nog andere adressen te proberen. De duurste, super de luxe hotels beschikten (ook) niet over een publieke computer of Internetverbinding, - waar moet het heen met Vietnam als zij niet over computers of e-mail beschikken? Dat wij ondertussen niet met xe honda en al ergens tegenop botste, mag een wonder heten. De ogen van die knul - lelijke tanden, puisterig gezicht, goed Engels en vader van twee kinderen - werden werkelijk door alles wat maar schijnbare borsten had aangetrokken. (En dat is over het algemeen genomen hier toch al niet zoveel...) Goed, omdat hij mij gratis van heg naar steg had gereden, trakteerde ik hem op een maaltijd. Heel lekker gegeten in restaurant 101. Gebakken mie, met stukjes biefstuk, plakjes lever en nier, inktvis en kogelronde champignons. Die nam rum hadden veel weg van geiteogen, maar smaakten gelukkig onmiskenbaar naar paddestoelen. Na het eten wilde mijn chauffeur weer met mij de stad in. Naar de karaoke-meiden, 'kissing and, uh, everything if you like...' Tuurlijk, en dan mag ik dat vanzelfsprekend ook voor hem betalen, - ben ik soms stom, of zo? Nee, ik was moe en moest morgen weer vroeg op. Tja, ik wil ook weer niet voor watje doorgaan. Zedenpreken houden, de mentaliteit van het land veranderen, proberen mijn paxen maar, daar ga ik niet aan beginnen. Ik heb er geen behoefte aan om met een rugzak om mijn schouders Don Quichotte te spelen... Dus 'xin loi' en daarna naar het hotel teruggelopen; niet vergetend hem alvorens veel plezier in de stad toe te wensen. Wij blijven beleefd, dat wel. Maar zodoende geen rechtstreeks schrijven uit de Mekong Delta, dus. Nu moet ik nog het een en ander schrijven over de paxen, maar mijn kont plakt van het plastic over de bekleding van de bureaustoel en mijn rug begint weer in te zakken. Ik zal blij zijn wanneer ik weer in mijn eigen Arbo-gekeurde bureaustoel zit. Dus ga ik maar weer 's een stukje door de stad dwalen. Eerst nog 's eten met een afsplitsing van de groep (de 'individuen') bij wijze van gezamenlijk laatste avondmaal... |